Maatschappelijke ontwikkelingen

Crises volgen sinds enkele jaren elkaar steeds sneller op. Ze zijn alledaags geworden en zij bepalen voor een belangrijk deel ons dagelijks leven. Voorbeelden hiervan zijn de financiële crisis in Europa en de politiek bestuurlijke crises in het Midden Oosten en Afrika. Turbulentie en niet stabiliteit wordt standaard.

Zowel moment als momentum van crises zijn echter lastig te voorspellen. De krijgsmacht, brandweer, politie en de GGD organisaties bereiden zich op crises voor op basis van protocollen en daarvan afgeleide plannen. Deze plannen zijn vaak gebouwd op ervaringen en gebeurtenissen uit het verleden en bieden zeker een solide structuur om te trainen en te oefenen. Zelfs binnen de financiële wereld wordt nagedacht over het opstellen van crisisplannen die crises moeten kunnen voorkomen of de effecten daarvan zoveel mogelijk kunnen beperken. Maar omdat een daadwerkelijke crisissituatie vaak van het gestelde in de plannen afwijkt, legt dit een druk op leidinggevenden die moeten kunnen opereren en schakelen tussen verschillende leiderschapstijlen. Er zijn zelfs leiders die op voorhand het protocol negeren omdat zij weten dat het niet werkt. Diezelfde leiders verwachten van hun materiedeskundigen en specialisten die in diezelfde onvoorspelbare wereld opereren een grote mate van aanpassingsvermogen, flexibiliteit en improvisatievermogen. Binnen het bedrijfsleven spelen protocollen een minder dominante rol maar ook daar moet er vaak onder hoge tijdsdruk worden gepresteerd waarbij het afbreukrisico groot kan zijn.

Leiderschap in crises, onverwachte en onvoorspelbare situaties

Vanwege de meervoudigheid, meerduidigheid en vervlechting van verschijnselen en vraagstukken in een turbulente en complexe wereld is er steeds meer behoefte aan transformationeel, verbindend en dienend leiderschap. Het gaat dus om leiders die om moeten kunnen gaan met onvoorspelbare situaties die niet tevoren in protocollen en plannen kunnen worden beschreven, waarbij overigens hun handen ‘gebonden’ zijn door formele regelgeving, protocollen en toedeling van bevoegdheden. Leiders moeten onder condities van ordelijke chaos of chaotische orde sturend kunnen opereren.

Leiderschap moet kunnen omgaan met plotselinge, onverwachte, niet te voorziene of te beïnvloeden gebeurtenissen die de organisatie in korte tijd in een heel ander vaarwater kunnen brengen. Wanneer de toekomst niet kan worden voorspeld op grond van de trends in het verleden, moeten situaties aangepakt worden, terwijl ze zich ontwikkelen. Hoe groter dit soort complexiteit, des te minder er vertrouwd kan worden op ervaringen uit het verleden. Het noodzakelijke leiderschap moet daarbij zoveel mogelijk in gezamenlijkheid worden getoond door leidinggevenden en materiedeskundigen en specialisten; een verschuiving van een nadruk op (verticale) structuur naar het accent op de betekenis van organiseren als een (horizontale) beweging. Dit houdt een veranderende rol in van de leiders van overwegende focus op ‘strategie, structuren, regels en systemen’ naar meer aandacht op ‘doel, processen, mensen en vertrouwen’.